maar dan moeten Limburgers wel een beetje meehelpen
door Jolien Linssen, L1 Nieuws, 26 juli 2026

De Limburgse taal zit in de lift. Terwijl de provincie zich hard maakt voor een hogere status van het Limburgs, werd vorige maand de publiekscampagne ‘Praat Limburgs met me’ gelanceerd.
Toch kunnen mensen die het Limburgs onder de knie willen krijgen heel wat drempels ervaren. “Dat maakt het niet chill om de taal te leren.”
Plat
Taaldocent Esther van Loo spreekt uit ervaring. Ze werkte niet alleen mee aan de ontwikkeling van de lesmethode Limburgs als tweede taal, maar staat ook wekelijks voor de klas om nieuwe sprekers plat te leren. Inmiddels worden er in de hele provincie cursussen aangeboden, telkens met aandacht voor de lokale variant van het Limburgs.
De beroemdste cursist is gouverneur Emile Roemer, die sinds 2024 lessen volgt en volgens zijn docenten intussen zeer vergevorderd is.
Nieuwkomers
De kans is groot dat ook hij ervaart wat veel andere nieuwkomers in de taal meemaken: dat Limburgers als vanzelf overschakelen naar de Nederlandse taal wanneer ze horen dat hun gesprekspartner hier niet vandaan komt. “Voor mijn cursisten is dat niet motiverend”, zegt Van Loo. “Ze vinden het Limburgs leuk en mooi, willen de taal juist onder de knie krijgen en erbij horen. Dat lukt op deze manier niet goed.”
Limburgse harten winnen
Het is geen onbekend fenomeen en ook niet voorbehouden aan het Limburgs, weet de taaldocent. Spreekt iemand bijvoorbeeld Nederlands met een buitenlandse tongval, dan wordt er door Nederlandstaligen gauw overgestapt op het Engels. Toch speelt er in onze provincie nog iets anders mee, meent Van Loo.
“Het heeft te maken met de onbewuste aanname dat het Limburgs niet leerbaar is, wat natuurlijk veel zegt over de status van de taal. Blijkbaar vinden we het zelf nog best moeilijk om het Limburgs echt serieus te nemen. We vinden het vaak grappig als iemand van buiten de provincie plat praat en eigenlijk dat is gek. Zelf leer ik op dit moment Iraans. Ook al maak je een hoop fouten, toch win je harten met de inspanning om de taal van een ander te leren. Alleen lijkt dat bij Limburgse moedertaalsprekers nog niet zo aan te komen.”
‘Iedere spreker nodig voor het voortbestaan van de taal’
Bewustwording lijkt ook hier het sleutelwoord. Zie het als een cadeautje dat mensen je taal willen leren, stelt Vellinga, want dat doen ze om erbij te horen. “Stimuleer hen en doe er niet lacherig over. We hebben tenslotte iedere spreker nodig om de taal te laten voortbestaan, en dat geldt zowel voor het Fries als voor het Limburgs.”
Volgens Esther van Loo is het ook een kwestie van wennen. “We hebben nog maar weinig mensen gehoord die Limburgs aan het leren zijn. Emile Roemer is een goed voorbeeld, die doet het gewoon. Val niet over elk foutje, verbeter niet alles, maar ga gewoon samen het gesprek aan.”
Ook te lezen op

